Nieuwsbrief

Overzicht gebeurtenissen

Chronologisch overzicht naar aanleiding van de Alfoerse krijgsdans juni 2007  - April 2008

29 juni 2007
Tijdens de welkomst toespraak van gouverneur Karel Albert Ralahulu van Maluku maakte een groep van 28 Molukse krijgdansers op 29 juni 2007 zich meester van het Lapangan Merdeka waar zij de cakalele (Alfoerse krijgsdans) opvoerde voor President SBY en 3.887 genodigden, waaronder ministers, ambassadeurs, gouverneurs, bupati’s (regenten) en burgemeesters van Indonesië.

Pas na 10 tot 15 minuten kregen de organisatoren van de 14e Harganas viering door dat de opgevoerde cakalale dans geen onderdeel uitmaakte van het programma. Tijdens de hardhandige verwijdering van de Molukse krijgsdansers werd uit een tifa (trommel) de RMS vlag tevoorschijn gehaald en getoond aan het publiek.

Al gauw werd duidelijk dat de dansers na hun arrestatie op zeer ernstige wijze gemarteld werden door leden van verschillende eenheden van het Indonesische leger, politie en de speciale terreureenheid ‘Densus 88’.

Juli 2007

1 juli 2007
Hermanus Malawau is in Aboru mishandeld door de TNI voor het oog van zijn dorpsgenoten. Vervolgens is hij geboeid aan handen en voeten met de speedboot meegenomen naar het eiland Ambon. Volgens de officiële lezing is Hermanus Malawau door een hoge golfslag overboord geslagen en wordt sindsdien vermist.

9 juli 2007
Dr. Alexander Manuputty, woonachtig in Los Angeles USA, roept in een telefonisch interview met Tempo op om zo snel mogelijk een dialoog te houden met de Indonesische regering om de kwestie RMS te bespreken.

11 juli 2007
De Juridische Leider van het Front voor de Soevereiniteit van Maluku (FKM), Simon Saiya, heeft er bij de Indonesische regering op aangedrongen om een dialoog te houden. In een telefonisch interview met de Jakarta Post vanuit Maluku zei Simon Saiya dat een dialoog tussen het FKM en de Indonesische regering hem de gelegenheid zou verschaffen om de erkenning en vreedzame overdracht te bepleiten van de soevereine rechten van het Alfoerse Molukse volk. Simon Saiya verklaarde dat één van de doelen van de cakalele actie was om aan de wereld te laten zien dat de RMS nog steeds bestaat.

22 juli 2007
Een woordvoerder van de RMS in Maluku verklaart telefonisch aan een gezelschap van 150 Molukkers in Wierden (Nederland) dat de actie in gang was gezet om Indonesië en de wereld te laten zien dat de RMS nog steeds leeft.

25 juli 2007
Een delegatie van het Internationale Rode Kruis heeft op woensdag 25 juli alle gevangen genomen RMS-ers bezocht in TANTUI en PERIGI LIMA. De delegatie bestaat uit Jean Jacques Putallaz en Suzanna Halsey.

De Rode Kruis delegatie kreeg in Ambon van het plaatsvervangend dorpshoofd van Aboru, dhr. Riry, een mondeling ooggetuige verslag over de inval van de TNI in Aboru enkele weken geleden. Dhr. Riry meldde dat – ter intimidatie – een zekere Hendriks en Malawau genadeloos zijn mishandeld door de TNI voor het oog van de dorpsgemeenschap. Veel Aborunezen zijn van angst het bos van Aboru ingevlucht en verblijven daar sindsdien.

Het was de bedoeling om ook de moeder van de vermiste Hermanus Malawau naar Ambon te brengen om een ooggetuige verslag te geven aan de Rode Kruis vertegenwoordigers over de verdwijning van haar zoon. Ten gevolge van de stress en het verdriet was mevrouw Malawau helaas te ziek om naar Ambon vervoerd te worden.

September 2007

4 september 2007
Tegen John Markus wordt een straf geëist van 15 jaar voor het bijwonen van een RMS herdenking in 2006.

5 september
Drie leden van de RMS zijn gearresteerd op basis van een foto die genomen is tijdens RMS proclamatie herdenking die 25 april 2006 in Ambon is gehouden. De identiteit van de gevangenen is door de Politie nog niet vrijgegeven.

Oktober 2007

11 oktober 2007
Een drietal personen, te weten La Musa, La Aliasa en Svanus Tuasun (een werknemer van de Waiheru Gevangenis) hebben elektroshocks toegediend aan zes van de RMS gevangen, namelijk: Yordan Saiya, Johan Saiya, Arens Saiya, Ruben Saiya, Yohanis Saiya en Daniel Akihary.

13 oktober 2007
John Syaranamual, Yohannis Kapilo, Ferdinand Noya, Novid Adolf, Isaak Saimima en Deni de Fretes zijn gearresteerd in Mahia op verdenking van het bijwonen van een RMS proclamatie herdenking in 2006.

14 oktober 2007
John Syaranamual en Yohannis Kapilo ontsnappen uit het huis van bewaring van de Politie gewest Maluku tijdens de wisseling van de wacht.

20 oktober 2007
Hoofd Kapolda Mohammad Guntur Ariyadi verklaart dat Hermanus Malawau ontsnapt is. Volgens hem was de speedboot zinkende en heeft Hermanus Malawau gebruik gemaakt van een hoge golfslag om te ontsnappen. Zeer opmerkelijk aangezien verschillende ooggetuigen verklaart hebben dat Hermanus Malawau geboeid aan handen en voeten is afgevoerd met deze speedboot.

23 oktober 2007
Assistent-onderzoeker inspecteur 1e klas Jak Salomon verklaart voor radio Baku Bae dat één van de verdachten tijdens het zinken van de speedboot, die door een hoge golf gekapseisd was, is overleden.

25 oktober 2007
John Markus wordt veroordeeld voor 17 jaar gevangenisstraf voor het bijwonen van een RMS proclamatie herdenking op 25 april 2006. Deze straf is twee jaar hoger dan de eis.

November 2007

1 november
Usman Hamid, uitvoerend directeur van de Commissie voor vermiste Personen en Slachtoffers van Geweld (Kontras), waarschuwt in een interview met Adnkronos International (AKI) voor corrupte gerechtshoven waar het politieke belang belangrijker is dan de vereiste grondige onderzoeken.

Het "Indonesische rechtssysteem heeft veel problemen met corruptie en nepotisme, dus is er geen enkele garantie dat een veroordeling objectief is.” In deze context vermelde hij dat de recente uitvoering van de doodstraf op 3 christenen in Sulawesi (Poso). Deze drie werden geëxecuteerd na te zijn aangewezen als de aanstichters voor het geweld tussen christenen en moslims die duizenden slachtoffers veroorzaakten.

"Zij werden gedood en de zaak was gesloten. Maar in waarheid waren zij gewoon de zondebokken en niet het brein achter dit geweld. Dit is een wijdverspreide opinie in Indonesië.”

15 november 2007
Fredy Akihary wordt voor de rechter geleid als lid van de cakalele dans.

19 november 2007
Daniel Akihary, Ruben Saiya, Johanis Saiya, Romanus Batseran en Daniel Malawau worden op beschulding van samenzwering tegen de staat voor de rechter geleid.

6 december 2007
Jonathan Riry wordt voor de rechter geleid. Behalve deze zaak zijn er nog twaalf andere RMS strafzaken wegens staatsondermijning in behandeling gesteld.

Januari 2008

11 januari 2008
Yunus Mario Litiloly moet voor de rechter komen voor zijn aanwezigheid bij de RMS proclamatie herdenking op 25 april 2006 te Gunung Nona.

15 januari 2008
Benny Titahena wordt voor het ontvangen van een SMS bericht van Augustinus Aponno aangeklaagd voor samenzwering tegen de staat.

23 januari 2008
Drie leden van de cakalele dansgroep komen voor de rechter, te weten:
1. Martin Saiya
2. Frejon Saiya
3. Jony Sinay

25 januari 2008
Verdachte Johan Teterissa verzoekt tijdens zijn rechtszitting aan de Indonesische regering om een algemene mededeling uit te vaardigen voor een verbod op de RMS organisatie.

RMS moet onder het Wetboek van Strafrecht blijven vallen.

Radio Baku Bae; 25-1-2008

Reporter: Sri Kartini Makatita

Ambon: Het Hoofd van Voorlichtingsdienst van het Gerecht in Ambon, Mr. Amin Supriyadi, heeft gezegd dat ook al is er geen reglement bestaat inzake de RMS als een verboden organisatie, de door de politie gearresteerde RMS aanhangers berecht moeten worden op grond van de bepalingen van het geldende Wetboek van Strafrecht.

“Waarvoor zij strijden is iets van buiten de NKRI, en dat is al iets dat een raakvlak heeft met het Wetboek van Strafrecht; het is namelijk een daad die gericht is tegen de staat, en dat is een zaak van de rechter”, zo zette hij uiteen toen hem door Radio Baku Bae, in Ambon op 25-1-2008 gevraagd werd om commentaar.

Hij erkent dat binnen het Wetboek van Strafrecht er weliswaar geen enkele speciale bepaling is op grond waarvan de RMS als een verboden organisatie wordt aangeduid, maar de strafmaat wordt bepaald door het Wetboek van Strafrecht.

Bron:  www.radiobakubae.com/news_view.asp?id=1941 ; RMS HARUS TETAP DIPROSES SESUAI KUHP.

Vertaling: Secr. Gerakan Maluku.

24 januari 2008
Djefta Saiya beweert dat de NKRI zich niet bekommert voor de welvaart/voorspoed van het Molukse volk en daardoor een RMS activist is geworden.

28 januari 2008
Abner Litamaputy en John Syaranamual hebben verklaard altijd te zullen blijven strijden voor het behoud van hun organisatie, zolang er geen wettelijke bepaling is dat de RMS een verboden organisatie is.
 
Ondertussen heeft op een andere zitting Yakob Supusepa gezegd spijt te hebben de RMS proclamatie herdenking in Masiwang, Gunung Nona, Ambon, op 25-4-2006 te hebben bijgewoond.

31 januari 2008
Tegen Daniel Malawau wordt 20 jaar gevangenisstraf geëist voor in bezit hebben van honderden lappen stof in de vier kleuren en diverse documenten.

Het Hoofd van Politie van het Gewest Maluku Muhamad Guntur Ariady heeft verklaard dat de arrestatie van de Executieve Leider van het FKM/RMS, Alex Manuputty, die op dit moment in de USA verblijft, het belangrijkste doel is van de Gewestelijke Politie van Maluku.

Februari 2008

6 februari 2008
Alexander Tate noemt tijdens rechtszitting Ferdinan Waas als Hoofd divisie Verdediging en veiligheid RMS. RMS activist Arnes Arnol Saiya bevestigd in de rechtszitting te zijn mishandeld tijdens verhoor.

Gedaagde RMS-er verklaart tijdens het Verhoor te zijn geslagen.

Radio Baku Bae; 6-2-2008

Reporter: Sri Kartini Makatita

Ambon: De gedaagde RMS sympathisant Arnes Arnol Saiya heeft verklaard dat hij tijdens de verhoren door de politie zo maar wat geantwoord heeft, omdat hij van de dienstdoende politierechercheurs voortdurend een pak slaag kreeg toegediend. Deze verklaring heeft de beklaagde op woensdag 6-2-2008 uitgesproken op de rechtszitting van de rechtbank van Ambon, waar het onderzoek in de zaak van deze gedaagde op de agenda stond.

Bron: www.ambon.com , Bericht Nr. 47829 ; TERDAKWA SIMPATISAN RMS MENGAKU DIPUKUL SAAT PEMERIKSAAN.

Vertaling: Secr Gerakan Maluku.

11 februari 2008
Ferdinan Waas (Hoofd divisie verdediging en veiligheid RMS) bevestigd in een rechtszitting een RMS activist te zijn door de opdracht en een mandaat van zijn opa, maar betuigd zijn spijt en beloofd zijn daad niet meer te herhalen. RMS activist Jhony Sinay betuigd voor de rechtbank geen spijt te hebben voor zijn daden.

16 februari 2008
Tegen Romanus Batseran wordt een straf geëist van 20 jaar voor het in huis hebben van een RMS vlag.

21 februari
Tijdens een rechtszitting betwist Stevanus Tahapary eigenaar te zijn van 33 vcd’s met RMS opnames en documenten. Hij zegt dat het eigendommen zijn van zijn neef Fredi Selano die momenteel voortvluchtig is en wordt gezocht door het Indonesische apparaat.

26 februari 2008
Voor samenzwering tegen de staat Indonesië zijn volgende personen een straf geëist:
Fredy Akihary, eis 15 jaar
Jefta Saiya, eis 15 jaar
Alexander Tanate, eis 12 jaar
Ruben Saiya, eis 10 jaar

27 februari 2008
Tegen Yusuf Sapakoli wordt een straf geëist van 12 jaar voor aanwezig zijn bij RMS herdenking en bezit van RMS documenten.

29 februari 2008
Tegen Marlon Patipawael wordt een straf geëist van 12 jaar voor aanwezig zijn bij RMS herdenking en bezit van RMS documenten.

Maart 2008

4 maart 2008
Agustinus Abraham Apono wordt een straf geëist van 1 jaar voor het ontvangen van een SMS bericht van Simon Saiya met een oproep aanwezig te zijn op 29 juni. 

Novis Adolph aangeklaagd voor samenzwering tegen de staat wegens het volgen van een RMS herdenking op 25 april 2006. Naast hem werden ook 4 anderen voor hetzelfde vergrijp aangeklaagd, te weten: Johanis Sipoli, Isack Saimima, ferdinan Noya en Denny de Fretes.

5 maart 2008
Ruben Saiya veroordeelt tot 20 jaar gevangenisstraf na eis van 12 jaar.
Johanis Saiya wordt veroordeelt tot 17 jaar gevangenisstraf.

Beiden voor het tonen van de vlag voor de ogen Susilo Bambang Yudhoyono.

Ruben Saiya en Johanis Saiya gevonnist met 20 en 17 Jaar Gevangenis

DMS 102.7 FM Ambon; 5-3-2008

Ambon: De Rechtbank van Ambon heeft een vonnis van 20 jaar gevangenisstraf geveld tegen Ruben Saiyah.

De Voorzitter van de Rechtbank Anton W. en de beide andere rechtbankleden Muliyoto en Kadarisma hebben gezegd dat in de zaak van Ruben Saiya verzwarende factoren zijn, dat de beklaagde GEEN SPIJT  heeft van wat hij heeft gedaan, dat hij een recidivist is en dat hij zich nog steeds als lid beschouwt van de RMS-beweging. Verder is de daad van de beklaagde een gevaar voor de nationale stabiliteit en is het laten zien van de RMS  vlag voor de ogen van President Susilo Bambang Yudhoyono een schandelijke daad. Verzachtende omstandigheden zijn er niet.

Het gerechtelijke vonnis door de Rechtbank van Ambon valt 8 jaar hoger uit dan de 12 jaar gevangenisstraf, die door de Officier van Justitie is geëist. Tegenover de rechtbank heeft Ruben Saiya verklaard dat hij het vonnis accepteert en NIET in hoger beroep gaat.

De beklaagde Johanis Saiya is in dezelfde zaak gevonnist met 17 jaar gevangenisstraf.

Bron: www.ambon.com , Bericht Nr. 48108 ; RUBEN SAIYA DAN JOHANIS SAIYA DIVONIS 20 & 17 TAHUN PENJARA.

Vertaling: Secr. Gerakan Maluku.

6 maart 2008
Alexander Tanate gevonnist tot 10 jaar gevangenisstraf na eis van 12 jaar voor deelname aan een vergadering in het huis van de Radja Hutumuri op 27 juni 2007. Hij aanvaarde zijn vonnis.

12 maart 2008
Daniel Malawauw wordt veroordeelt tot 15 jaar gevangenisstraf en zegt geen spijt te hebben.

Hermanus Batseran wordt veroordeelt tot 17 jaar gevangenisstraf.

Beiden zijn veroordeelt voor het in huis hebben van lappen stof met kleuren van de RMS vlag.

Tegen Philip Malawauw wordt een straf geëist van 10 jaar.

Tegen Alex Malawauw wordt een straf geëist van 10 jaar.

Beiden voor het in bezit hebben van de RMS vlag en als deelnemer van de Cakalele dans.


Dit Vonnis is niet passend voor iemand die alleen maar RMS vlaggen naait.

Radio Nederland Wereldomroep; 12-3-2008

Ambon: Het Ambonse Gerecht heeft vonnissen geveld van 15 en 17 jaar gevangenisstraf tegen een tweetal beklaagden, die RMS vlaggen hebben gemaakt. Deze twee zijn Daniël Malawauw en Hermanus Batseran. In hun woningen zijn lappen stof gevonden met de kleuren van de RMS vlag, vermoedelijk om die daarmee te produceren. Maar is het wel passend om deze twee daarvoor zulke lange straffen te geven? Is het wel juist om het naaien van lappen stof, waarvan het nog eens niet zeker is dat daar vlaggen van gemaakt zouden worden, een daad van staatsondermijning te noemen?

Hier volgt het interview van Radio Nederland Wereldomroep(RNW) heeft gehad met Antone Hatane(AH), de coördinator van het advocatenteam die de betrokkenen juridisch bijstaat die de  cakalele dans voor de ogen van President Susilo Bambang Yudhoyono tijdens de viering van de Nationale Familiedag (HARGANAS) op 29-6-2007 in Ambon hebben uitgevoerd.

Er is geen Geweld gebruikt.
AH: Het is gepast om deze kwestie aan de orde te stellen. Neem bijvoorbeeld Atjeh of Papua, waar gewelddadige methodes worden toegepast, zelfs vuurwapens gebruikt worden, daar zijn de straffen lager. Dat is wat we aan de orde willen stellen. Is het werkelijk de bedoeling om recht te spreken, en niet om wraak te oefenen? Is het de bedoeling van de rechtspraak om af te schrikken, zodat de dader zijn daden niet meer pleegt?

Dus is het volgens mij zo, dat met zulk een rechtspraak, vanuit het gezichtspunt dat de rechtspraak een gevoel van rechtvaardigheid moet geven, dit vonnis allerminst redelijk/rechtvaardig is. Dat betekent dat er een soort discriminatie gepleegd wordt. Het is niet zo dat de daders een aanslag hebben willen plegen, waarbij vuurwapens en dergelijke gebruikt worden.

Als dat zo zou zijn, zouden er geen vlaggen bij hun in huis gevonden zijn. En dan ook nog niet eens echte RMS vlaggen. Alleen maar lappen stof met bepaalde kleuren. Als wij bijvoorbeeld zouden zeggen: ‘dat zijn de kleuren van de RMS vlag’, dan zou de staat dat grif toegeven.

RNW:  Wat voor straf zou volgens U dan passend zijn in deze zaak?

AH:  Een passende straf voor hen zou veel lager moeten liggen. Ja, als die één of twee jaar cel zou zijn, dan zou dat logisch zijn.

RNW:  U hebt zonet gezegd dat het niet zeker is dat de gevonden lappen stof voor het maken van RMS vlaggen zouden worden gebruikt. Hoe is men dan tot de conclusie gekomen dan deze lappen stof wel degelijk bestemd waren om RMS vlaggen van te maken?

AH: Dat heeft te maken met het politiebeleid. Hun manier van doen is mensen gevangennemen, niet alleen mensen die vlaggen in hun bezit hebben, zoals de twee aangeklaagden, maar ook mensen die tijdens een vlaghijs ceremonie daar naar hebben staan kijken; al die mensen worden gearresteerd. Deze arrestatiegolf is nog aan de gang en er zijn al tientallen mensen opgepakt.

Welnu, dit is geen manier om problemen op te lossen. En als deze mensen in elk geval maar op een goede manier bejegend worden. Maar wat er in Maluku gebeurt is, dat als zij alleen maar lappen stof hebben verzameld waarvan de kleuren lijken op die van de RMS vlag, dan wordt dat al RMS vlag genoemd, maar volgens mij is dat niet zo.

Want een RMS vlag heeft een definitieve vorm. Daarvoor weten we niet hoe de RMS vlag er uit ziet. Dit betekent dat de staat al bevestigd heeft dat de RMS vlag er is en dat de RMS staat al bestaat.

Want volgens mij is het zo dat als ze er zelf een vlag van maken, dan betekent dit dat ze die erkennen. Ja, zij kunnen het anders zien dan ik. Het zijn zij, die op grond van een paar lappen, waarvan wij niet weten waarvoor ze gebruikt gaan worden, iemand van misdaad beschuldigen en dienovereenkomstige eisen stellen, die zonodig moeten uitlopen op vonnissen van 17, 20 en 15 jaar gevangenis.

RNW:  Als het zo is, zoals U hiervoor hebt gezegd, dat de staat het bestaan van de RMS al erkent, hoe moeten we dan eigenlijk verder te werk gaan?

AH:  Eigenlijk is toenadering DE oplossing voor het probleem dat Maluku nu heeft; dat is voor mij zo simpel als wat. De staat moet het lef hebben om de DIALOOG aan te gaan met hen die tot nu toe niet anders dan verwijten krijgen, die verdacht worden als daders of als meelopers of als anderszins betrokkenen bij de activiteiten van de RMS beweging.

Tot op dit moment heeft de staat hen geen enkele gelegenheid gegeven tot een dialoog. Ze reageerde alleen maar met arrestaties. Maar arrestaties lossen volgens mij geen problemen op. Met de huidige gevangennemingen voorzie ik dat in het komende jaar de vlaghijsingen door zullen gaan, omdat ze niet tevreden zijn met hoe de staat met hen omgaat.

Bron: www.ambon.com ; Bericht nr. 48168 ; VONIS TAK SETIMPAL BAGI PENJAHIT BENDERA RMS.

Vertaling: Secr. Gerakan Maluku

18 maart 2008
Johan Teterissa maakt kenbaar geen gebruik te willen maken van zijn stemrecht voor a.s. regionale/provinciale verkiezingen, als protest tegen de Indonesische regering en in het bijzonder de provincie Maluku.

Marlon Patipawael wordt veroordeeld voor 15 jaar gevangenisstraf voor het bijwonen van een RMS proclamatie herdenking op 25 april 2006 in Kewang, Ambon. Dit is drie jaar hoger dan de eis.

Izak Saimima betuigd voor de rechtbank spijt te hebben en beloofd trouw aan de NKRI, maar rechter gelooft hem niet.

19 maart 2008
Tegen Yakobus Supusepa wordt 10 jaar geëist voor aanwezigheid bij RMS proclamatie herdenking op 25 april 2006
.
Tegen Johan Teterisa wordt 15 jaar gevangenisstraf geëist.

Dinsdag 1 april 2008
Petrus Rahayaan en Elias Sinay krijgen een eis van 10 jaar eis te horen voor de berokkenheid bij de cakalele groep.

Donderdag 3 april 2008
Johanis Teterisa gevonnist tot levenslang.

Abraham Saiya gevonnist tot 15 jaar gevangenistraf.

Levenslang Cel, daar moet Coördinator RMS Cakalele Dans om huilen.

Radio Baku Bae, 4-4-2008

Reporter: Sri Kartini Makatita

Ambon: Over de coördinator van de Cakalele dans, Johan Teteterisa, alias Yoyo (46), die de RMS vlag heeft getoond op het hoogtepunt van de HARGANAS herdenking in Ambon op 29-6-2007, is door de Rechtbank van Ambon een vonnis geveld van LEVENSLANGE GEVANGENISSTRAF. De rechtbank, die werd voorgezeten door mr. Raden Anton, heeft op de vervolgzitting op 3-4-2008 dit vonnis van levenslang geveld, omdat het bewezen was dat de beklaagde een misdaad tegen de staat heeft begaan.

Op basis van feitenmateriaal, dat ter zitting verzameld is, uit getuigenverhoren van onder meer Josias Sinay als trainer van de cakalele dans, van Samuel Hendriks en van het Hoofd van de Defensie afdeling van de RMS, Ferdinand Waas, is het komen vast te staan dat beklaagde een RMS sympathisant is vanaf het jaar 2002, en een functie bekleedt als RMS vertegenwoordiger van het dorp Aboru, Onderdistrict Haruku, District Midden-Molukken.

En niet alleen dat, de ter zitting verkregen feiten bewijzen ook zijn betrokkenheid bij de voorbereiding van de cakalele dans, die is uitgevoerd door 28 dansers uit het dorp Aboru. Onder anderen op de datums 10 juni, 17 juni en 24 juni 2007, heeft beklaagde vergaderingen georganiseerd in zijn woonhuis in Aboru om een bespreking te houden over de dansuitrusting. Die bestond uit de volgende voorwerpen: houten speren, houten zwaarden, fluitschelpen(kulit bia), trommels (tifa) en RMS-vlaggen.

Als trainer van de Molukse adatdans wees de beklaagde Josias Sinay aan.

Vervolgens, op 27-6-2007, heeft de beklaagde weer een ontmoeting georganiseerd ten huize van Ferdinand Waas. Deze keer werd er gesproken over de strategie die zou worden gevolgd om de dansgroep binnen te loodsen op het terrein waar de centrale HARGANAS plechtigheden zouden plaatsvinden, namelijk het Merdekaplein, Onderdistrict Sirimau, Stadsdistrict Ambon.

De beklaagde heeft verklaard dat de opdracht voor het uitvoeren van de cakaleledans en het tonen van de vlag van de verboden organisatie afkomstig is van Simon Saiya als President van de RMS-Transitieregering, met de bedoeling om aan de President en zijn buitenlandse gasten, die de HARGANAS-viering bijwoonden, te laten zien dat de RMS nog bestaat en tegelijk haar soevereiniteit opeist, waarvoor ze al vanaf het jaar 1950 strijd voert.

Op grond van een analyse van de feiten is de rechtbank tot de conclusie gekomen dat het wettig en overtuigend bewezen is dat de beklaagde een daad van staatsondermijning heeft gepleegd, zoals dat geregeld is in Art. 110 en Art. 106 van het Wetboek van Strafrecht.

Bovendien is er geen enkele reden voor excuus aanwezig voor de man, die werkzaam is als onderwijzer op de basisschool van het dorp Aboru, aangezien de beklaagde ooit in het jaar 2003 al eens veroordeeld is in een vergelijkbare zaak.

Volgens de rechtbank zijn er ook verzwarende factoren, namelijk dat de beklaagde geen spijt betuigt voor zijn daad, die het Indonesische volk en in het bijzonder de Molukse samenleving te schande heeft gemaakt, en dat wat hij gedaan heeft moet worden beschouwd als een daad van separatisme, hetgeen kan leiden tot desintegratie van het volk.

Desgevraagd door de pers zei de 46-jarige man glimlachend, dat hij het vonnis accepteert en niet in hoger beroep gaat.

Hoewel hij kennelijk vastberaden en onverstoord het vonnis van de rechter aanhoorde, was hij toch zichtbaar aangedaan. Toen hij in de gevangenis arriveerde kwam de beklaagde tot zichzelf en brak in tranen uit, omdat het vonnis van de rechtbank veel zwaarder was uitgevallen dan de eis van 15 jaar, die de Officier van Justitie had gesteld.

Bron: www.radiobakubae.com/news_view.asp?id=2360 ; DIVONIS SEUMUR HIDUP, KORDINATOR TARIAN CAKALELE RMS MENANGIS.

Vertaling: Secr. Gerakan Maluku