Nieuwsbrief

26 april 2009: Brieven gevangenen (vertalingen)


Novis Adolph

Vredesgroet in Jesus Kristus. Sjaloom
Allereerst wil ik mijn harte kreet overbrengen aan de Molukkers in Nederland. Ik werd gevangen genomen op 13 oktober 2007, nu al 1 jaar en 3 maanden. Ik voel me schuldig dat ik mijn vrouw en kinderen heb moeten verlaten en in de gevangenis ben beland vanwege een rechtvaardige zaak. Als gezinshoofd heb ik veel stress indien ik aan mijn vrouw en kinderen denk. Ook al vanwege het feit  dat ze nu moet werken voor hun dagelijkse onderhoud.  Maar in het belang van onze vrijheidsstrijd moet ik vastberaden zijn. Ik heb 6 jaar gevangenisstraf gekregen en ik bid voortdurend opdat God mijn vrouw en kinderen beschermt en dat ze vastberaden zullen zijn tot het moment dat ik de gevangenis mag verlaten en weer met hen wordt herenigd. Openhartig moet ik mijn gevoelens aan u in Nederland kwijt dat ik geen geld heb om mjjn gezin in hun dagelijkse behoeftes te kunnen voorzien. Mijn vrouw studeert nog en om haar collegegeld te kunnen betalen, verkoopt ze 's-ochtens en 's-avonds koeken en de opbrengst is amper genoeg om in hun levensonderhoud te voorzien. Ik roep onze Molukse mensen in Nederland dan ook vrijwillig en zonder dwang op om mij en mijn gezin te helpen. Voordat ik in de gevangenis kwam heb ik gewerkt als motorvervoerder en kon ik er redelijk van leven. Nogmaals: Doe ik een beroep op u  allen in Nederland om mij en mijn gezin te helpen. Mijn gezinssamenstelling is als volgt:
1. Novis Adolph: echtgenoot
2. Itela Latris Adolph: (student)
3. Giovan Adolph: kind (scholier)
4. Gebril  Adolph: kind
5. Viona Adolph: kind.

Dit is mijn harte kreet aan u allen in Nederland. Moge God ons allen beschermen en zegenen totdat de onafhankelijkheid weer aan ons wordt teruggegeven.
Ambon, 31-1-2009

Novis Adolph in Nania


Leonard Hendrik

Aan u allen in Nederland. Ik groet u in de naam van Jezus Kristus. Ik schrijf deze brief in de gevangenis met de hoop dat u omziet naar mij en mijn gezin. Ik zit nu reeds 1 jaar en 8 maanden in de gevangenis. Ik werd gemarteld door de politie en tot op heden heb ik er nog last van. Ik kan niet naar de dokter omdat het mij minimaal Rp. 300.000 kost  (20 euro)  De zorg voor mijn gezin  kost mij ook hoofdbrekens. Ik heb 3 kinderen, de eerste zit in klas 6 van de basisschool en doet binnenkort examen voor de middelbare school. Het is voor mij problematisch om aan geld te komen zodat mijn oudste de vervolgopleiding kan volgen. Mijn tweede kind zit in klas 3 van de basisschool. Aangezien mijn vrouw niet werkt is het  extra moeilijk. Mijn hoop is dat u mij en mijn gezin kan helpen.  Ik schrijf deze brief in tranen en  hoop echt op uw hulp. Ondanks alles ben ik vastberaden om onze strijd tot aan de dood toe voort te zetten totdat we onze onafhankelijkheid hebben bereikt  en alle Molukkers hiervan mogen genieten en dit doel wordt door alle gevangen RMS-ers ondersteund en we zullen niet wijken. Tenslotte wil ik alle Molukkers in Nederland oproepen om samen met ons hier  een eenheid te vormen en gezamenlijk te strijden voor onze onafhankelijkheid die Indonesië ons heeft afgepakt.
Sjaloom aan u allen. Mena Muria.
hoogachtend.

Leonard Hendrik.
Ambon 31-1-2009


Pieter Latumahina

Deze brief schrijf ik vanuit de gevangenis aan de Alifoerse gemeenschap in Nederland. Er is ondertussen veel gebeurd dat een grote impact heeft op ons allen als mede onze gezinnen. Ik zit nu 1 jaar en 8 maanden vast. Alle gevangenen zijn gemarteld en tot bloedens toe geslagen en enkelen zijn daardoor voor altijd invalide geraakt. Vaak hebben we nog last van deze martelingen  en sommigen vallen af en toe flauw en worden dan naar het ziekenhuis gebracht. Zelf heb ik suikerziekte voordat ik in de gevangenis terecht kwam. Vanwege de kosten heb ik sedert mijn gevangenneming geen bezoek kunnen brengen aan een dokter. Het kost ongeveer Rp.300.000 om een dokter te raadplegen. Bovendien moet ik ook aan mijn gezin denken. Ik heb 3 kinderen waarvan er 2 schoolgaand zijn. Mijn probleem is dat mijn oudste kind  nu op de lagere Middelbare school zit en binnenkort naar de hogere Middelbare school gaat en dit vereist geld. Mijn tweede kind zit in klas 3 van de basisschool en heeft problemen met de amandelen en moet volgens de dokter zo snel mogelijk worden geopereerd. Dit alles maakt mij machteloos. Men moet ook zorg dragen voor het dagelijkse voedsel. Alles in Ambon is duurder geworden. Al mijn problemen vertrouw ik toe aan de Here Jezus en alleen Hij kan zorg dragen voor oplossingen voor mijn gezin. Wat betreft de RMS-kwestie. Mijn opvatting is dat ik tot aan mijn dood daaraan zal vasthouden. Ik hoop van harte dat de Molukkers in Nederland die verdeeld zijn, samen met ons een eenheid zullen vormen en dat we gezamenlijk voor onze onafhankelijkheid zullen strijden die ons ontnomen is door de NKRI.
let wel; één zijn we sterk, verdeeld gaan we ten onder

hoogachtend,

Pieter Latumahina
31 januari 2009


Barce Manuputty

Sjaloom in Jezus Christus. Aan de vrijheidsstrijders in Nederland, mena moeria

Naam: Barce Manuputty
echtgenote: Rosine Manuputty
kind: Clara Manuputty

Ik vraag u: Laten we ons verenigen en de handen in elkaar slaan en strijden om onze onafhankelijkheid terug te krijgen. Dit  alles voor ons volk  ter wille van de veiligheid voor onze kinderen en kleinkinderen in de toekomst. Ter informatie van u en de organisatie PAK. Ik ben op 29 juni 2007 opgepakt  op het vrijheidsplein te Ambon en gedurende 7 dagen gemarteld in de gevangenis. Mijn vrouw en mijn kind hebben ook moeten lijden omdat ze geen geld hebben. Vandaar mijn verzoek aan PAK om mijn vrouw en kind te ondersteunen. Mijn vrouw studeert nog en mijn kind zit in de klas 1 van de Middelbare school.
Ik dank u bij voorbaat voor uw steun en in het bijzonder de organisatie PAK.

Mena Muria    

Ambon, 31 januari 2009

Barce Manuputty uit de negorij Ouw


Ferdinan Noya

Allereerst wil ik aan mijn medestrijders in Nederland mijn gevoelens overbrengen. Ik ben een God vrezend persoon en wil geen leugens verkondigen. Toen ik gepakt werd door de politie van Ambon  vanwege de  vrijheidsstrijd werd ik heel erg ziek. Maar ik voelde het als een roeping om te doen. Ondanks tegenslagen in het leven was ik vastberaden en enthousiast om te strijden. Daarom roep ik de Molukkers in Nederland en waar men zich ook mag bevinden op  tot eenheid. Uiteraard heeft mijn gezin het ook moeilijk en vraag u om steun.
mijn gezinssamenstelling is als volgt:
1. Ferdinand Noya : echtgenoot
2. Santi Noya : echtgenote
3. Misel Noya: kind (schoolgaand)
4. Anjeli Noya: kind ( schoolgaand)
5. Elis Noya: kind (schoolgaand)
6. Nani Noya: kind (schoolgaand)
7. Jay Noya: kind

Voor uw steun aan mij en mijn gezin dank ik u hartelijk en moge onze heer Jezus Christus u allen zegenen voor uw werk voor de Molukken en onze strijd. Sjaloom.


Reynold Ngarbingan

Ik wil gaarne mijn hartekreet richten tot mijn medestrijders in Nederland. Ik, Reynold Ngarbingan, werd op 28-8-2007 aangehouden door Densus 88. Ik heb hartzeer naar de regering van Indonesie maar ben vastberaden vanwege mijn roeping die bepaald is door de Here Jezus. Ik roep de Molukkers in Nederland en elders op om de krachten te bundelen en onze onafhankelijkheid af te dwingen van de Indonesische regering.

Reynold Ngarbingan


Piere Pattisina

Toen ik opgepakt werd door politie werd ik ernstig gemarteld. De martelingen waren zo heftig en pijnlijk dat ik niet meer wist wat te doen. Vooral omdat je niemand om je heen had om je te ondersteunen. Maar ik wil duidelijk verklaren dat ik vrijwillig heb meegedaan vanuit een soort roeping en dat ik niet werd gedwongen door wie dan ook. Ik ben er trots op als rasechte Alifoer aan de vrijheidsstrijd te hebben meegedaan.
Derhalve roep ik de Molukkers in Nederland en waar ze zich ook  mogen bevinden om samen te werken en zodoende onze vrijheid te heroveren. Hoe lang moeten onze kinderen en kleinkinderen nog lijden.
Vanwege de strijd zit ik nu gevangen en heb mijn gezin moeten achterlaten. Mijn gezin heeft het nu moeilijk en ze weten niet hoe ze aan eten moeten komen of  hoe het schoolgeld van de kinderen moeten worden betaald. Ze kunnen me nauwelijks bezoeken vanwege de kosten. Ik verzoek u daarom om mij te ondersteunen. Mijn gezinssamenstelling is als volgt:
1. Piere pattisina: echtgenoot
2. Marla F. Pattisina: echtgenote
3. Jastin I. Pattisina: kind (schoolgaand)
4. Felix Pattisina: kind (schoolgaand)

Voor uw ondersteuning vanuit  Nederland en waar dan ook dank ik u hartelijk.

Piere Pattisina


Marlon Pattiwael

Sedert mijn gevangenneming op 4-9-2007 tot op heden (1 jaar, 7 maanden) heb ik stress omdat ik mijn vrouw en kind mis. Maar ik zie onze strijd als een rechtvaardige strijd en bidt voortdurend opdat God mijn gezin wilt beschermen. Toch voel ik mij ook schuldig omdat ik mijn gezin heb moeten achterlaten. Echter ben ik van mening dat onze strijd  eens resultaten zal boeken en vraag aan u in Nederland om ons niet te vergeten.
Mijn gezinssamenstelling is:
1. Marlon Pattiwael : echtgenoot
2. Olivia  Pattiwael : echtgenote
3. Fiorela Pattiwael : kind

Marlon Pattiwael.


Mersy Riri

Ik breng u allen mijn groet over en moge God ons allen beschermen. Op dit moment heb ik en mijn gezin het heel moeilijk. Zelf ben ik nog steeds ziek vanwege de martelingen die ik had moeten ondergaan. Vandaar mijn verzoek aan u om mij te ondersteunen.

1-2-2009

Mersy Riry


Isak Saimima

Allereerst roep ik u allen op om een eenheid te vormen en met elkaar samen te werken om onze vrijheid te veroveren van Indonesie. Vanaf mijn arrestatie in 2008 tot op heden heeft mijn vrouw en kind moeten lijden omdat ik niet in staat ben om voor hun levensonderhoud te zorgen en mijn vrouw geen werk heeft. Op dit moment  is mijn vrouw ziek maar kan ze niet naar de oogarts vanwege de kosten hieraan verbonden. Uiteindelijk is ze nu blind geworden. Ik heb 3 kinderen, 2 jongens en een meisje. Het meisje en de oudste zoon zitten beiden in klas 5 van de basisschool en de jongste zoon zit nog op de kleuterschool.
Ik hoop op uw steun zodat ze hun school kunnen afmaken. Ik dank u voor uw geldelijke steun die we onlangs hebben mogen ontvangen.

31-1-2009:

Isak Saimima


Abraham Saiya

geboren op 16 december 1984 te Tihulale

Ik ben één van de personen die had meegedaan aan de krijgsdans op 29 juni 2007. Na mijn aanhouding werd ik en mijn andere kameraden zwaar gemarteld en degenen die ons dit hadden aangedaan zijn onze eigen Molukse mensen. Ik ben ernstig aan mijn hoofd  en rug gewond geraakt en daar heb ik tot op heden nog last van. Maar ik heb helaas geen geld om me onder behandeling van een dokter te stellen. Mijn moeder is weduwe en moet ook nog zorg dragen voor 2 andere kinderen. Ik  ben eigenlijk de kostwinner maar zit thans in de gevangenis. Ik weet dat ik strijd voor een rechtvaardige zaak en ik doe het niet voor mezelf  en daarom is mijn moreel nog hoog  en zal ik niet verzaken. Vandaar dan ook mijn verzoek aan u en in het bijzonder de president van de RMS in Nederland om ons hier te ondersteunen, in welke vorm dan ook. Laten we samenwerken om voor ons vaderland te strijden, dat we innig liefhebben. Laten we niet teveel naar het verleden kijken maar naar de toekomst. "Geen water kan het vuur doven en geen vuur kan vernietigen namelijk: Gods Liefde die alles vervult  wat we nooit voor mogelijk houden". 
God zegent ons allen.

Mena Moeria.

Abraham Saiya


Ferjon Saiya

geboren op 11 november 1983 te Aboru

Ik werd gevangen genomen op 29 juni 2007 tijdens de familiedag en ben één van de krijgsdansers. Ik werd geslagen en gemarteld en met name had ik ernstige hoofdwonden en terwijl ik deze brief schrijf heb ik last van hevige hoofdpijn. Ik wil graag een bezoek brengen aan de dokter maar de kosten zijn te hoog. Mijn ouders zijn al bejaard en zelf ben ik eigenlijk hun toeverlaat. Op dit moment hebben mijn ouders het erg moeilijk vanwege het feit dat ik in de gevangenis zit voor de RMS-strijd. Daarom vraag wij  u in Holland om steun en  voor al de hulp zijn we u erkentelijk  als het maar gegeven wordt met een zuiver hart.
Laten we ons allen verenigen om onze geliefde vaderland te bevrijden en op te bouwen. Ik hoop op begrip voor deze brief en indien ik me niet correct hebt uitgedrukt dan bij deze mijn verontschuldigingen.

Moge God ons allen zegenen.

Met onze nationale groet Mena Moeria.

Ferjon Saiy


Johanes Saiya

geboren 30 december 1985 te Aboru

Ik werd gevangen genomen op 29 juni 2007 tijdens de familiedag op het vrijheidsplein te Ambon. Ik werd met allerlei attributen geslagen en gemarteld en met name mijn hoofd had het zwaar te verduren. Ondanks dat ik probeerde mijn hoofd te beschermen werd daar voortdurend op geslagen. Daardoor heb ik oogproblemen gekregen en is mijn zicht heel wazig geworden. Geld voor de dokter heb ik niet en evenmin mijn ouders. Ze zijn al bejaard. Zelf ben ik ongehuwd  en derhalve verzoek ik u om steun voor mij en mijn ouders. Verder roep ik de Molukkers in Nederland op tot eenheid zodat we gezamenlijk onze strijd kunnen voeren.
Moge God ons allen zegenen.

Johanis Saiya


Piter Saiya

geboren 10 oktober 1987

Destijds had ik ook meegedaan aan de krijgsdans op 29 juni 2007 voor het oog van de Indonesische presdient en de buitenlandse gasten. We wilden aantonen dat de RMS nog bestaat in de Molukken en tegelijkertijd de Indonesische regering duidelijk maken dat ze de Molukken haar onafhankelijkheid moet teruggeven. Direct werd ik opgepakt en naar een politiepost gebracht waar ik slagen kreeg op mijn hoofd met een hamer. Ik werd geslagen, geschopt en met een bajonet, ijzer en hout bewerkt. Ik moest me bukken en vervolgens moest ik zeepwater drinken en werd bewerkt met brandende sigarettepeuken. Toen moest ik mijn broek uitdoen en werd ik dusdanig gemarteld dat ik het in mijn broek deed. Tijdens de ondervraging werd ik  in mijn open mond bespuwt en moest ik al het spuug inslikken. Ik werd 3 dagen lang gemarteld en was zeker één maand lang ziek zonder dat ik medische verzorging kreeg. Ik heb nu  medische problemen aan o.a. mijn oog, hoofd, borst en been. Dit is mijn verhaal vanaf 29 juni 2007. Ik werd vervolgens veroordeeld tot 7 jaar wegens landverraad.

31 januari 2009

Piter saiya


Ruben Saiya

Ik wil mijn dank uitbrengen voor onze Molukse mensen in Nederland die oog hebben voor ons lijden in de gevangenis als ook voor onze gezinnen. Sinds mijn gevangenneming is het leven zwaar geworden met name voor mijn vrouw en kinderen. Voor mijn vrouw is het moeilijk om de kost te verdienen en mijn kinderen hebben psychische problemen. Mijn vrouw is financieel niet in staat om mij te bezoeken en ook is het moeilijk om aan dagelijkse voedsel te komen. Mijn kind is pas 8 jaar oud en ik ben veroordeeld tot 20 jaar gevangenisstraf aangezien ik een recidivist ben. Ik verzoek u in Nederland dan ook om mij en mijn gezin te ondersteunen.
eens vrij altijd vrij : mena Moeria

Ruben Saiya


Stevi Saiya

Ik werd gepakt op 29 juni 2007 om 10 uur in de ochtend. Ik werd geslagen en gemarteld door militairen en vwerd vervolgens overgedragen aan de politie. Daar werd ik geslagen met een loden pijp totdat mijn lichaam ernstig gewond raakte. Het gevolg daarvan was dat ik overal pijn had en er bloed uit mijn ogen kwam. Ik wilde naar het ziekenhuis maar kon het niet bekostigen. Ik vraag u om hulp omdat mijn familie zelf hulpbehoevend is Mijn ouders zijn al bejaard en ik was altijd de aangewezen persoon om voor hun de kost te verdienen. Ik was bereid al deze ontberingen op me te nemen ter wille van onze vrijheidsstrijd.

Mena Moeria

Stevi Saiy


Josias Sinay

geboren 2 april 1966

Mijn vrouw heet: Josina Teterissa

Op 29 juni 2007 heb ik leiding gegeven aan de krijgsdansers uit Aboru en hebben we de RMS-vlag voor de ogen van de Indonesische president en de buitenlandse gasten ontvouwd met het doel dat Indonesie onze  onafhankelijkheid teruggeeft. Bij de arrestatie werden we door Densus 88 mishandeld en gemarteld. we werden met allerlei attributen op ons hoofd geslagen en zelf werd ik gedwongen om een biljartbal in mijn mond te stoppen. Tot op heden heb ik nog veel pijn maar geld om naar de dokter te gaan heb ik niet. Ik heb een zieke vrouw en 6 kinderen. Mijn kinderen konden het niet aanzien dat hun moeder met tranen in haar ogen de kost moest zien te verdienen. Daarom heeft mijn oudste zoon zijn studie afgebroken om zijn moeder te helpen. De studiekosten van mijn kinderen vergen veel geld en één van mijn dochters zit op de Middelbare school en dat kost Rp.750.000 per maand. We zullen blijven vechten tot ons laatste druppel bloed.

Josias Sinay


Yohanis Sipolo

Ik zit vanwege de RMS-strijd in de gevangenis van Nania en werd opgepakt op13 oktober 2007 om 3 uur 's-nachts door ongeveer 30 poltiemensen.  Inmiddels ben ik veroordeeld tot 9 jaar gevangenisstraf. Ik heb een vrouw en 2 kinderen. Mijn dilemma is of mijn 2 kinderen hun studie kunnen voortzetten aan de Hogere Lerarenopleiding. Ik wil mijn dank uitspreken aan Perintis Aksi Kilat die ons heeft ondersteund. Met die steun kunnen we even vooruit. Ik spreek dan ook mijn waardering hiervoor uit. We willen hebben dat we een eenheid vormen opdat we gezamenlijk onze onafhankelijkheid kunnen heroveren.

Ambon 31 januari 2009 : Johanis Sipolo


Jacob Supusepa

Allereerst wil ik mijn gevoelens aan u kwijt. Ik ben een Godvrezende man die geen leugens vertelt. Voordat ik gevangen werd genomen door de anti-terreureenheid densus 88 wilde ik me eigenlijk niet bezighouden met onze vrijheidsstrijd maar ik voelde me als het ware geroepen om dit te doen. Als kind van het volk  wilde ik toch meedoen ondanks dat ik mishandeld en gemarteld werd. Tot op de dag van vandaag ondervind ik nog steeds de pijnen van de martelingen maar ik heb geen geld om me medisch te laten onderzoeken.  Maar ik ben nog steeds strijdlustig en verzoek de molukkers in Nederland om een eenheid te vormen opdat we gezamenlijk kunnen optrekken totdat we onze onafhankelijkheid hebben heroverd.  Ik wil ook doorgeven dat mijn gezin het heel moeilijk heeft en men mij vanwege de kosten nauwelijks kunnen bezoeken en het is moeilijk wanneer mijn kinderen me vragen wanneer ik vrij kom en hoelang de vrijheidsstrijd duurt.. Ik weet niet zo goed wat ik dan moet antwoorden. Wel hoop ik dat ze hulp kunnen krijgen.
Mijn gezinssamenstelling is als volgt:
1. Jacob Supusepa : echtgenoot
2. Febriaty Supusepa: echtgenote
3. Florensia Supusepa: kind (schoolgaand)
4. Beatrix Supusepa: kind (schoolgaand)
5. Rivaldo M. Supusepa: kind (schoolgaand)
 
Namens mij en mijn gezin dank ik u hartelijk voor iedere steun die we hebben mogen ontvangen.

Sjaloom; mena Moeria

Jacob Supusepa


Melkianus Syaranamual

Ik wil mijn dank uitspreken aan stichting PAK die mij heeft geholpen. Mijn naam is Melkianus Syaranamual, RMS-sympathisant, die werd gevangen genomen n.a.v. de RMS-viering op 25 april 2006 op de berg Gunung Nona te Ambon. Ik werd aangehouden door Densus 88 en werd geslagen en gemarteld en sindsdien ben ik voor mijn leven gehandicapt aan mijn rechterbeen. Zelf ben ik veroordeeld tot 8 jaar gevangenisstraf. Ik heb een gezin met 2 kinderen. De één heet Syarles Syaranamual en zit in klas 4 van de basisschool en mijn tweede kind is 3 jaar. Mijn vrouw heeft geen vast werk. Daarom heb ik steun nodig van stichting PAK. Met name mijn rechterbeen moet medisch onderzocht worden maar ik heb helaas geen geld. Alle RMS-gevangenen hier roepen u allen in Nederland op om samen te werken in het belang van onze vrijheidsstrijd. Hier in de Molukken zijn we vastberaden te strijden tot ons laatste druppel bloed.

Sjaloom – Mena Moeria.

Melkianus Syaranamual


Jhon Syaranamual

Tesamen met deze brief wil ik namens alle RMS-gevangenen u allen in Nederland bedanken voor uw geldelijke steun. Met de name de steun van PAK (Perintis Aksi Kilat). Helaas kunnen we u goede daden niet vergelden maar slechts God  alleen zal dat doen. Hier hopen we slechts op uw aandacht en deelname  uit Nederland opdat ons hartekreet door u wordt gehoord..
mijn naam is:Jhon Saranamual
naam echtegenote: Mery Syaranamual
kinderen: Gabriel, Brian en Jermia

Mijn 3 kinderen zijn nog schoolgaand. Mijn vrouw is astma patient en daarom vraag ik uw aandacht voor mijn gezin. Tot zover mijn gegevens en nogmaals mijn dank aan PAK voor uw steun aan ons hier in het vaderland.

Mena Moeria – Jhon Saranamual


Sony Boinsera

Ik ben RMS-gevangene die op 21 juni 2007 werd aangehouden terwijl ik in het bezit was van 360 RMS-vlaggen. Ik werd gemarteld maar wegens gebrek aan bewijs werd ik weer vrijgelaten. Maar op 7 augustus 2007 werd ik opnieuw gevangen genomen omdat ik had deelgenomen aan de RMS-viering op 25 april 2006 in de bossen van Wanat Ormasung en wederom werd ik bij mijn arrestatie  tot bloedens toe gemarteld en geslagen.
Mijn boodschap aan u allen in Nederland is om tot eenheid te komen en gezamenljk de strijd te voeren en onze onafhankelijkheid te heroveren. Ik ben afkomstig van de Zuid-Oost Molukken en strijd door zonder één stap terug te doen. Ik ben inmiddels veroordeeld tot 10 jaar gevangenisstraf. Mijn gezin bestaat uit mijn vrouw, Evelin Boinsera en 2 kinderen: Yunita Boinsera, 9 jaar en  Gili Boinsera , 2 jaar.
Als mededeling aan PAK en alle organisaties in Nederland: Sedert mijn gevangenneming heb ik nog geen steun van u mogen ontvangen. Mijn vrouw heeft geen werk en ik hoop dan ook dat PAK mijn gezin wilt ondersteunen.

Ik hoop op steun van PAK uit Nederland


Venti Sapulette

Aan de leden van de groep Perintis Aksi Kilat in Nederland. Vanuit het vaderland groet ik, Venti Sapulette en alle politieke gevangenen, u allen. We exuseren ons voor deze verlate brief om u te danken voor de financiele giften die we van u hebben mogen ontvangen. In de maand november 2008 hebben we Rp. 350.000 mogen ontvangen en in december Rp.415.000. Vanuit het diepste van mijn hart roep ik alle organiaties alsmede alle LSM-organisaties op om te strijden voor teruggave van onze onafhankelijkheid. Laten we een eenheid vormen en ons niet van elkaar laten scheiden want hier is onze nood erg hoog. Als u dit allemaal niet inziet, wie dan wel.. Herinnert u allen wel de woorden van onze kapitan Pattimura: "Ook al ga ik dood maar jonge Pattimura's zullen het van mij overnemen."   Laten we daarom opstaan, de jonge Pattimura's. "We gaan voortwaarts en zetten geen stap terug". (Lawa Mena Hau Lala). Laten we niet stil blijven maar het is nu het moment om te spreken voor het oog van de wereld. Ondanks het verdriet  en de tranen blijven we geestdriftig strijden.  Moge u in Nederland aandacht hebben voor ons verdriet. Op 16 augustus 2007 werd ik gevangen genomen en werd onder kommervolle situatie op allerlei manieren gemarteld en beschimpt door de politie dusdanig dat ik tot op heden er nog veel last van heeft. Bovendien heeft mijn gezin het financieel heel  moeilijk.  Ik heb een vrouw en 5 kinderen. Vier zijn schoolgaand. Mijn vrouw is niet in staat om de schoolkosten te betalen en zodoende was ze genoodzaakt om al onze bezittingen te verkopen. Zo had ze ook ons huis moeten verkopen en is ze nu met de kinderen bij haar ouders in Kamarian ingetrokken. Mijn oudste zoon heeft onlangs een longontsteking gekregen en ik weet niet hoe ik aan geld moet komen, om hem te laten behandelen. Vanwege de vrijheidsstrijd heb ik alles verloren. Ik vraag u dan ook om datgene wat u over heeft aan mij te schenken.

Amatoo – Mena Moeria

Venti Sapulette